Dansende bijen

Bijen zijn sociale dieren waarvan is aangetoond dat ze samenwerken met andere individuen in hun kolonie. Werksters (de steriele vrouwtjes) hebben veel verschillende taken binnen de kolonie. Een van die taken is het verzamelen van voedsel. Ze verlaten de kolonie op zoek naar nectar (hun energiebron waar ze honing van maken) en pollen (hun proteïnebron) van bloeiende planten.

Zodra de werkster pollen of nectar heeft gevonden, komt ze terug naar de kolonie en begint een ingewikkeld dansje op te voeren op de verticale oppervlakte van de bijenraat. Karl von Frisch ontdekte dat deze dans dient om soortgenoten te informeren over de locatie van het voedsel. Als het voedsel relatief ver van de korf is (wat het vaak is) voeren de bijen een ‘waggeldansje’ op om twee belangrijke zaken te communiceren: de afstand van de vindplek en de locatie van het voedsel.

Een werkbij die een ‘waggeldansje’ opvoert, beweegt in een achtvorm. Ze beweegt haar lichaam al zoemend van links naar rechts, terwijl ze in een rechte lijn loopt. Dan maakt ze een draai naar rechts tot haar beginpunt en waggelt weer vooruit. Vervolgens maakt ze een draai naar links en waggelt tot ze weer bij haar beginpunt is. Dit herhaalt ze een aantal keer.

De lengte van de rechte lijn geeft aan hoe ver de nectar of pollen verwijderd zijn van de bijenkorf: hoe groter de afstand, hoe langer ze in een rechte lijn zal waggelen. De richting waarin de bij begint te dansen geeft de richting aan waarin de bloemen zich bevinden. Als de bloemen zich op 30 graden rechts van de zon bevinden, zal de werkster 30 graden rechts van het midden met haar dans beginnen.

Het dansje werkt als een soort taal. Aan de hand van het dansje van de werkster kunnen de andere bijen bepalen waar de voedselbron zich bevindt. Dankzij hun reukvermogen kunnen ze bovendien bepalen wat voor soort voedsel er te vinden is. Deze vorm van communiceren is misschien wel de meest complexe vorm van sociaal gedrag dat in het dierenrijk te vinden is.

Bekijk hier dit prachtige filmpje over deze bijen.

Bronnen:
Frisch, K.V., (1967). The Dance Language and Orientation of Bees. Cambridge: The Belknap Press of Harvard University Press

Gould, J.L., and Gould, C.G., (1988). The Honey Bee. New York: Scientific American Library, W.H. Freeman

Kapucijneraapjes: eerlijk zullen we alles delen

In de BBC-documentaire “Capuchins: The Monkey Puzzle” uit 2007 zijn twee kapucijneraapjes te zien die op een aandoenlijke manier tonen dat ze kunnen samenwerken en eerlijk willen delen.

In het eerste experiment werkten de aapjes samen om een probleem op te lossen met behulp van gereedschap. Aan de ene kant van een transparant scherm staat een doos hazelnoten en aan de andere kant ligt de vuursteen waarmee de deksel van de doos kan worden gehaald. Een van de apen heeft de steen, maar kan niet bij de noten, een andere heeft de doos noten, maar kan niks beginnen zonder de steen. De aapjes besluiten samen te werken: de één geeft de ander de steen, zodat de doos kan worden opengemaakt. Vervolgens verdeelt het aapje de hazelnoten eerlijk: drie voor zichzelf en drie voor z’n ‘teamgenoot’. Zonder samen te werken, hadden de kapucijneraapjes de puzzel nooit kunnen oplossen.

Ook in het tweede experiment gaven de aapjes blijk van gevoel voor eerlijkheid. Ze werden getraind om een witte munt in te leveren in ruil voor eten. Toen de twee aapjes een ongelijke beloning kregen, wilde het aapje dat de minder lekkere beloning kreeg, de beloning niet eens hebben. Hij bleef liever hongerig dan dat hij akkoord ging met een ongelijke beloning.

Bekijk hier het filmpje:



Bron:
BBC Two documentaire “Capuchins: The Monkey Puzzle”, 22 September 2007, 18:30.